Zilveren Vitessenaar Giuseppe Grillo

Liefde voor de club heeft veel gezichten. Betrokken Vitessenaren die zich op bijzondere wijze of zeer langdurig inzetten voor hun club, verdienen de eretitel Zilveren Vitessenaar. Giuseppe Grillo (67) is één van hen.

Ik heb geen hobby’s, ik heb Vitesse

Wie aan de voet van de Eusebius opgroeit in een familie van voetbalgekken, moet welhaast fan van Vitesse worden. Het klopt. Zilveren Vitessenaar Giuseppe Grillo kreeg de liefde voor geel-zwart met de paplepel mee. Of met het zakgeld, dat kan ook. Twee kwartjes kreeg de jonge Arnhemmer, een kaartje op de jongensrang was 0,35 cent. Bleef er mooi 0,15 cent over voor iets lekkers.

Voor het gezin Grillo betekende voetbal veel. Vader kwam op 14-jarige leeftijd naar Nederland, een jochie nog, de eerste generatie Italiaanse terrazzo- en natuursteenexperts. Hij werkt zich op en begint een eigen bedrijf, gespecialiseerd in natuursteen. Oud-Arnhemmers weten het nog wel, Grillo zat aan de Apeldoornsestraat, net voor het viaduct. Later verhuisde het bedrijf naar Huissen, waar het nog altijd is gevestigd. Er werd hard gewerkt, maar voor thuiswedstrijden van Vitesse werd alles neergelegd. Dat was destijds zo, daarin is niets veranderd.

Giuseppe Grillo kwam, na het plotselinge overlijden van zijn vader, al op 16-jarige leeftijd in de zaak, samen met zijn broer Marco.  “Vanaf nu ben jij de baas”, kreeg ik te horen. Ik werk inmiddels 52 jaar en heb geen hobby’s. Want ik heb Vitesse. Zelf voetbalde ik graag. Totdat zich op 18-jarige leeftijd problemen met enkelbanden voordeden en mijn moeder angstig informeerde of het wel slim was, voetbal. De zaak was mijn verantwoordelijkheid, ik kon me geen blessure permitteren.”

Plichtsbesef dat destijds werd opgelegd, heeft Giuseppe nog steeds. Over stoppen met werken peinst hij niet, terwijl zijn zoon Remy allang directeur van Grillo Natuursteen is. “Waarom stoppen met iets waar ik elke dag plezier in heb?”, vraagt hij zich hardop af. “Ik geniet van mijn werk, de mensen die ik ontmoet. We hebben veel gereisd, van alles van de wereld gezien. En doe dat nog steeds. Uitstel van plezier is gevaarlijk, je weet nooit hoe het leven loopt. Ik word 68 binnenkort, maar is dat een reden om mijn plezier in werk los te laten? Ik ga toch niet ergens vanuit een huisje naar de zee zitten staren?”

Zelfs in de jaren dat de Arnhemmer voor zaken veel in het buitenland vertoefde, stonden de thuiswedstrijden van Vitesse met dikke inkt in de agenda. Hij geeft toe dat hij er soms zijn planning op afstemde, alles op alles zette om toch op tijd terug in Arnhem te zijn. Al moesten daar vluchten met extra tussenstops voor geboekt worden.

Zakelijk is Giuseppe Grillo enorm betrokken bij Vitesse. Hij werd -30 jaar geleden inmiddels- samen met broer Marco een van de eerste businessclubleden. “Misschien uit chauvinisme, de binding die we voelden. Maar ook uit respect voor Karel Aalbers, die het bijna failliete Vitesse oppakte. De club bezat geen knoop destijds. Bij ons werd nog wel eens aangeklopt, om het mogelijk te maken een supporterbus te laten rijden. Met 500, 600 gulden lukte dat toen nog.” Grillo reisde in 1989 met een aantal zakenpartners en Aalbers naar Houston om stadions te bekijken, een reis die uiteindelijk de keuze voor het ontwerp van GelreDome opleverde.

Financieel wist Vitesse hem vaker te vinden, als het er op aankomt biedt hij graag extra support. De vervaardiging van de natuurstenen gedenksteen ter nagedachtenis aan Theo Bos werd door Giuseppe Grillo mogelijk gemaakt. Een gebaar dat is ontstaan vanuit persoonlijke band met Theo, die hij als jeugdleider bij Sempre Avanti onder zijn hoede had gehad. Het contact tussen de twee bleef.

De wereld verandert, Vitesse verandert mee. Maar wat Giuseppe Grillo voor Vitesse voelt blijft hetzelfde. “Huurspelers zie je bij elke voetbalclub. En wat maakt het uit wie de eigenaar is, een Rus of een Hollander?” Winst is er te behalen in de binding die Vitesse met het bedrijfsleven in de regio heeft. “Daar zit meer in”, denkt Grillo. Hij realiseert zich op hetzelfde moment dat zijn gezin wel bijzonder is. Wat hij meekreeg van vader en broer, gaf hij zijn jongens mee. “Vroeger zat ik op de tribune met Fabian op de ene en Remy op de andere knie Nu zijn het de kleinkinderen die meegaan. En mijn vrouw is er altijd bij, iedere thuiswedstrijd. Nadien ontmoeten we iedereen, oud-spelers, businessleden die net als wij al jaren komen. Vitesse is en blijft aantrekkelijk, ook bij jong-Vitesse gaan we regelmatig kijken. Als het zo blijft als nu, doen we het goed! Met een top-vijf klassering en af en toe Europa ben ik heel tevreden.”